.

REGELINGEN

ALGEMENE INFORMATIE OVER HET WERK VAN KRIJGSMACHTPREDIKANTEN

In dit document wordt kort ingegaan op zaken die van belang kunnen zijn voor krijgsmachtpredikanten. Gepoogd is zo volledig mogelijk te zijn. Mochten er toch nog vragen zijn, verzoeke die dan te stellen aan de secretaris van Kerk & Krijgsmacht.

ALGEMEEN
Krijgsmachtpredikant zijn predikanten met een bijzondere opdracht. De opdracht wordt verleend door de Generale Synode (zie Ord 3-23-1). Dit houdt in dat Ord 3-23 voor hen van onverkorte toepassing is. Ord 3-23 luidt:
Artikel 23. Predikanten met een bijzondere opdracht
1. Een predikant met een bijzondere opdracht verricht werkzaamheden die in rechtstreeks verband staan met de vervulling van het ambt van predikant doch niet uitgaan van een ambtelijke vergadering, maar verricht worden bij een instelling die de betrokkene aanstelt. De ambtelijke vergadering die de opdracht verleent, laat haar oordeel dat de werkzaamheden in rechtstreeks verband staan met de vervulling van het ambt van predikant, toetsen door of vanwege de kleine synode.
2. Een predikant met een bijzondere opdracht wordt beroepen door een (algemene) kerkenraad, een classicale vergadering, de evangelisch-lutherse synode of de generale synode.
3. Een predikant met bijzondere opdracht wordt beroepen voor de duur van de werkzaamheden waartoe de opdracht is verstrekt.
4. De ambtelijke vergadering die de predikant met een bijzondere opdracht beroept, treft een regeling met de betrokken instelling waarin wordt vastgelegd dat deze ambtelijke vergadering verantwoordelijk is voor het werk dat de predikant met een bijzondere opdracht ambtelijk verricht en dat de gemeente respectievelijk de classis respectievelijk de evangelisch-lutherse gemeenten tezamen respectievelijk de kerk niet aansprakelijk zal zijn voor de financiële gevolgen van ontheffing van of ontzetting uit het ambt of ontslag uit de dienstbetrekking. Na ontslag uit de dienstbetrekking zonder voorafgaande ontheffing van of zonder voorafgaande ontzetting uit het ambt is de betrokken predikant beroepbaar predikant voor een periode van vier jaar. Deze periode kan telkens met vier jaar door de kleine synode worden verlengd.
5. De ambtelijke vergadering stelt de beroepene een beroepsbrief ter hand, waarin omschreven staat wat de ambtelijke vergadering en de predikant elkaar verschuldigd zijn, met als bijlage de in het vorige lid bedoelde regeling. Bij aanvaarding van het beroep is artikel 5-5 van toepassing.
6. Een predikant met een bijzondere opdracht wordt met inachtneming van het bepaalde in artikel 5-7, bevestigd in een kerkdienst van een gemeente binnen het gebied waarin deze werkzaam zal zijn. Indien de predikant verbonden wordt aan een gemeente, dient vooraf het breed moderamen van de classicale vergadering zich ervan te vergewissen dat de in lid 4 bedoelde regeling is getroffen.
7. De ambtelijke vergadering die de betrokken predikant beriep laat deze predikant begeleiden door een door haar in te stellen commissie. De betrokken predikant woont de vergaderingen van deze commissie bij.

BEROEPEN VAN EEN KRIJGSMACHTPREDIKANT
Bij het beroepen van een nieuwe krijgsmachtpredikant wordt de volgende weg gevolgd:
1. Defensie stelt een vacature. Sollicitanten melden zich bij Hoofd Krijgsmachtpredikant (HKP) door middel van een sollicitatiebrief. Er volgt eerste gesprek met HKP en de commissie Contact in Overheidszaken - Militairen (CIO-M). (NB. Deze commissie wordt gevormd door de zendende instanties/kerken, die krijgsmachtpredikanten gezonden hebben). Indien dit gesprek positief verlopen is volgt het kerkelijk traject.
2. Er wordt een kerkelijk (=PKN inhoudelijk) gesprek gehouden, uit te voeren door Commissie Inhoudelijk Gesprek (bestaande uit voorzitter en lid van de Raad voor Kerk & Krijgsmacht en de Teamleider bureau begeleiding predikanten en adviseur beroepingswerk). Allereerst wordt gekeken of voldaan wordt aan de eis van minimaal 4 jaar gemeente-ervaring te bezitten. Vervolgens wordt ingegaan op een aantal zaken als kerkelijke verbondenheid en betrokkenheid, inspiratie en christelijke spiritualiteit, en bereidheid tot uitzending. Bij dat laatste wordt ook gevraagd naar de houding van het thuisfront.
3. Bij positieve uitkomst wordt dit schriftelijk aan de HKP gemeld. Aangezien het beroepen van krijgsmachtpredikanten wordt gedaan door de synode (conform Ord 3-23-2; zie hierboven) houdt deze uitkomst in, dat in voorkomend geval (het gehele traject is nog niet afgerond) de Commissie Inhoudelijk Gesprek het Moderamen van de positief zal adviseren indien er een verzoek voor beroeping komt vanuit Defensie.
4. Vervolgens wordt de aspirant krijgsmachtpredikant medisch en psychologisch gekeurd. Indien hij wordt goedgekeurd verzoekt HKP om betrokkene te beroepen als krijgsmachtpredikant. Kerk & Krijgsmacht doet vervolgens een voorstel tot beroeping aan het moderamen van de Synode van de PKN.
5. Indien het moderamen van de synode hiermee instemd stelt zij een beroepsbrief op (conform Ord 3-23-5). Daarna volgt een beroeping en de intrede. Daarbij is de inhoud van de dienst is voor a.s. krijgsmachtpredikant en bevestigend predikant ( d.i. vaak Stafpredikant van de betrokken dienst, Marine, Landmacht of Luchtmacht dus Stafpredikant Zeestrijdkrachten, Landstrijdkrachten of Luchtstrijdkrachten ). De plaats van de intrede vindt plaats in een "willekeurige" gemeente (Ord 3-23-6) en wordt in goed overleg gekozen.

DE PERIODE IN WERKELIJKE DIENST BIJ DE KRIJGSMACHT.
De begeleiding van de krijgsmachtpredikanten staat geregeld in Ord 3-23-7. Daar staat:
7. De ambtelijke vergadering die de betrokken predikant beriep laat deze predikant begeleiden door een door haar in te stellen commissie. De betrokken predikant woont de vergaderingen van deze commissie bij.
De begeleidingstaak is daarbij in handen gelegd van Kerk & Krijgsmacht. Kerk & Krijgsmacht heeft naast de begeleidingstaak echter ook een beleidstaak. Teneinde aan beide taken op een goed wijze invulling te kunnen geven, wordt de volgende werkwijze gehanteerd: De vergaderingen worden bijgewoond door krijgsmachtpredikanten adviseurs (vertegenwoordigers) uit de krijgsmachtdelen. Deze verstrekken vervolgens aan de krijgsmachtpredikanten de voor hen relevante informatie uit Kerk & Krijgsmacht. Elke vergadering zullen 1 à  2 krijgsmachtpredikanten worden uitgenodigd. In twee jaar hebben ze dan tenminste eenmaal één vergadering bezocht. Jaarlijks is er een bijeenkomst van alle PKN-krijgsmachtpredikanten op uitnodiging van de PKN (Kerk & Krijgsmacht). Kerk & Krijgsmacht onderhoudt de contacten met de krijgsmachtpredikanten. In principe worden de krijgsmachtpredikanten jaarlijks bezocht door een lid van Kerk & Krijgsmacht. De krijgsmachtpredikanten krijgen toegang tot voor hen relevante informatie uit de vergadering (O.a. vergaderverslagen).
Krijgsmachtpredikanten zijn verbonden aan de generale synode onafhankelijk van waar de bevestiging heeft plaatsgevonden. Zij kunnen deel uitmaken van de classis van de gemeente waarvan zij lid zijn (dat zal dus meestal de woonplaats zijn). Krijgsmachtpredikanten kunnen deel uitmaken van de kerkenraad van de gemeente waar ze lid van zijn (Ord 4-6-7) De kerkenraad kan predikanten die met bijzondere opdracht aan de gemeente verbonden zijn en dienstdoende predikanten die lid zijn van de gemeente benoemen tot lid van de kerkenraad. Met betrekking tot het lidmaatschap van de classis (Ord 4-14-1) De classicale vergadering wijst tevens twee leden aan uit de predikanten met bijzondere opdracht en predikanten in algemene dienst die aan een tot de classis behorende gemeente of aan de classis verbonden zijn, dan wel lid zijn van een tot de classis behorende gemeente.
Met betrekking tot het opzicht (Ord 10). Kerk & Krijgsmacht heeft in deze een signalerende functie. Als er een probleem in deze zin is, zal Kerk & Krijgsmacht een rol spelen, vergelijkbaar met die van een kerkenraad bij een ´gewone´ predikant. Met betrekking tot de behandeling van bezwaren en geschillen (Ord 12). Ook hier vervult Kerk & Krijgsmacht een vergelijkbare rol. Er zou door een predikant b.v. bezwaar aangetekend kunnen worden tegen een besluit van Kerk & Krijgsmacht. Dan beslist het college Bezwaren en Geschillen (Commissie B&G). In andere zaken kan Kerk & Krijgsmacht als getuige gehoord worden. Er ligt echter bij Kerk & Krijgsmacht verder geen bijzondere verantwoordelijkheid.

Ouderling/diaken in eigen gemeente.
Het is al een aantal malen voorgekomen dat een krijgsmachtpredikant verzocht is om in de gemeente waarin hij woont de functie van ouderling of diaken op zich te nemen. Het navolgende is daarbij wel en niet mogelijk:
Het is NIET mogelijk om ouderling of diaken te worden. Ordinantie 3 artikel 8 Lid 3 zegt daarover: Niemand kan in een gemeente meer dan één ambt dragen.
Het is WEL mogelijk om in de hoedanigheid van krijgsmachtpredikant deel uit te maken van een kerkenraad met de opdracht om daar taken uit te voeren die bijvoorbeeld een ouderling normaal doet. Dit op grond van Ordinantie 4 Artikel 6 Lid 7. In een dergelijk geval wordt niet bevestigd. In genoemd artikel staat: De kerkenraad kan predikanten die met bijzondere opdracht aan de gemeente verbonden zijn en dienstdoende predikanten die lid zijn van de gemeente benoemen tot lid van de kerkenraad.

ONTSLAG
Bij ontslag zijn er twee mogelijkheden: De predikant gaat met functioneel leeftijdsontslag bij het bereiken van de daartoe geëigende leeftijd, of de predikant gaat voortijdig met ontslag doordat de arbeidsverbintenis òf door hemzelf, òf door defensie beëindigd wordt (dit laatste bijvoorbeeld in het kader van een kort contract).

Functioneel leeftijdsontslag. Is bij legerpredikanten "de regel 'datum FLO (funtioneel leeftijdsontslag) = datum emeritering'?. Antwoord: Ja. Van belang in deze is allereerst ord. 3-25-1, en met name het tweede gedachtenstreepje: 1. Een predikant - die de in de generale regeling voor de predikantspensioenen genoemde leeftijd heeft bereikt en gebruik maakt van het recht op emeritaat, - die gebruik maakt van een voor deze predikant geldend recht op volledige pensionering, of - die blijvend niet in staat is de werkzaamheden van een predikant te verrichten, wordt op eigen verzoek, op verzoek van de ambtelijke vergadering die de predikant beriep of ambtshalve emeritus verklaard. Een predikant voor gewone werkzaamheden wordt uiterlijk bij het bereiken van de leeftijd van 65 jaar emeritus verklaard, tenzij de betrokken kerkenraad en predikant, met inachtneming van het in de generale regeling bepaalde, een later tijdstip overeenkomen.
De krijgsmachtpredikant maakt als hij met FLO gaat gebruik van een geldend recht op volledige pensionering. Dit houdt in, dat 'datum FLO (funtioneel leeftijdsontslag) = datum emeritering'
Wie verleent emeritaat en hoe gaat dit in zijn werk? De volgende stap is ord. 3-25-2: 2.
In geval van een predikant die aan een gemeente verbonden is, geschiedt de emeritusverklaring door het breed moderamen van de classicale vergadering. In alle andere gevallen geschiedt de emeritusverklaring door de kleine synode.
De kleine synode zal dus de emeritusverklaring afgeven. Ze zou dat zelfs zonder verzoek van de krijgsmachtpredikant (ambtshalve) kunnen doen, maar als men emeritaat wilt krijgen is het wel zo netjes dat even zelf schriftelijk aan te vragen.
Wat nu, als de oud-krijgsmachtpredikant aansluitend of wat later alsnog een gemeente wilt gaan dienen als predikant? Zij/hij kan desgewenst in een beroep zou kunnen aannemen vóór de datum van je FLO. Indien dan onmiddellijk aansluitend intrede wordt gedaan, is er helemaal geen emeritaat nodig. Indien emeritaat per datum FLO aangevraagd en gekregen is kan men vervolgens op enig moment een beroep doen op ord. 3-27-1 en 4: 1.
Een emeritus predikant en een beroepbaar predikant behouden de bevoegdheid tot de bediening van Woord en sacramenten. (...) 4. Degenen die de bevoegdheid tot de bediening van Woord en sacramenten hebben behouden, worden op hun verzoek door de kleine synode, al of niet onder voorwaarden, beroepbaar gesteld, tenzij het belang van de kerk zich daartegen verzet.
De oud-krijgsmachtpredikant heeft de 'bevoegdheid tot'. Men kan de kleine synode schriftelijk verzoeken weer beroepbaar gesteld te worden. Als de kleine synode geen redenen heeft om te stellen dat het belang van de kerk zich daartegen verzet, dan zal zij dit verzoek inwilligen, en kan men dus weer een beroep in overweging nemen. Wil men een wat andere en rustiger route, dan kan men overigens natuurlijk ook die van ord. 3-27-5 of 6 volgen:
5. Dienstdoende predikanten en zij die de bevoegdheid tot de bediening van Woord en sacramenten hebben behouden, kunnen van de kerkenraad van een gemeente - waar van toepassing met instemming van de kerkenraad van de eigen gemeente - voor een periode van ten hoogste vier jaar de opdracht krijgen tot het verrichten van hulpdiensten in de eerstgenoemde gemeente.
6. Een emeritus predikant en een beroepbaar predikant zijn bevoegd in een gemeente met minder dan 300 leden en in andere door het breed moderamen van de classicale vergadering te beoordelen gevallen het dienstwerk van een predikant te verrichten zoals beschreven in artikel 9-1, indien de kerkenraad, met instemming van het breed moderamen van de classicale vergadering hen daartoe roept voor een periode van tenminste twee jaar en ten hoogste vier jaar.
Ten slotte moet wel gewezen worden op het laatste lid van dit artikel: 7.
De kleine synode is bevoegd, met instemming van het generale college voor de ambtsontheffing, om de bevoegdheid tot de bediening van Woord en sacramenten in te trekken dan wel aan de bevoegdheid beperkende voorwaarden te stellen indien het belang van de kerk dit vereist.
Reden voor toepassing van dit artikel zou kunnen zijn, dat na het bereiken van het FLO-schap een beroep wordt gekozen dat strijdig is met het ambt. Krijgsmachtpredikanten kunnen, ook na aanvang FLO, deel uitmaken van de classis van de gemeente waarvan zij lid zijn (dat zal dus meestal de woonplaats zijn).

Verbreken arbeidsverbintenis met Defensie.
Van belang daarbij is, wat er in het contract met de krijgsmachtpredikant staat met name waar het gaat om een wachtgeld regeling. Ord 3-23-4 zegt hierover het volgende:
4. De ambtelijke vergadering die de predikant met een bijzondere opdracht beroept, treft een regeling met de betrokken instelling waarin wordt vastgelegd dat deze ambtelijke vergadering verantwoordelijk is voor het werk dat de predikant met een bijzondere opdracht ambtelijk verricht en dat de gemeente respectievelijk de classis respectievelijk de evangelisch-lutherse gemeenten tezamen respectievelijk de kerk niet aansprakelijk zal zijn voor de financiële gevolgen van ontheffing van of ontzetting uit het ambt of ontslag uit de dienstbetrekking. Na ontslag uit de dienstbetrekking zonder voorafgaande ontheffing van of zonder voorafgaande ontzetting uit het ambt is de betrokken predikant beroepbaar predikant voor een periode van vier jaar. Deze periode kan telkens met vier jaar door de kleine synode worden verlengd.
De krijgsmachtpredikant welke de dienst heeft verlaten, is derhalve automatisch beroepbaar.
Tenslotte.
De dienstjaren opgebouwd bij Defensie worden één op één meegeteld indien een predikant vervolgens besluit als gemeentepredikant dienst te doen. Voorbeeld: een predikant staat 4 jaar in een gemeente en is vervolgens 10 jaar krijgsmachtpredikant. Mocht hij vervolgens een beroep aannemen in een gemeente dan wordt bij vaststelling van zijn tractement uitgegaan van 14 dienstjaren.


We hebben 25 gasten en geen leden online

↑ Top  

© Kerk en Krijgsmacht 2017    Leden